De Rechten van het Kind als kompas voor lokaal beleid

Uitdaging

Het lokaal bestuur zet maximaal in op de naleving en de uitvoering van het Kinderrechtenverdrag.

Voordelen

  • Het Kinderrechtenverdrag biedt je een handig kader voor een integrale beleidsvoering. Je zet meteen ook in op bijv. de aanpak van kinderarmoede, de toegankelijkheid van onderwijs en vrijetijdsvoorzieningen, de participatie van kinderen en jongeren aan het lokaal beleid,…
  • Het lokaal bestuur met zijn brede waaier aan dienstverlening staat dicht bij de leefwereld van kinderen en jongeren en beschikt over sterke instrumenten om het Kinderrechtenverdrag te realiseren. Meer dan ooit bevestigen ook Vlaamse beleidsinitiatieven de regierol van het lokaal bestuur.
  • Alle beleidsniveaus worden gevat door de ondertekening van het Kinderrechtenverdrag. Je geeft uitvoering aan een beleid waartoe België zich sinds 1992 heeft geëngageerd.
  • Je investeert op een duurzame manier in de toekomst wanneer je investeert in de rechten van kinderen en jongeren.

Drie uitgangspunten

Het kind centraal

Om deze uitdaging te realiseren stel je als lokaal bestuur het belang van het kind centraal zowel in de opmaak als in de uitvoering van lokaal beleid. In deze (internationale) context dien je de term ‘kind’ altijd te begrijpen als ‘kinderen en jongeren van 0 tot 18 jaar’ en voor een aantal aspecten zelfs tot 25 jaar. Het belang van het kind is het uitgangspunt voor de kinderrechten. Het lokaal bestuur zet in op de kennis van de kinderrechten binnen haar eigen organisatie, bij haar partners en bij de kinderen en jongeren zelf. Een ‘actieplan kinderrechten’ helpt om dit op een samenhangende manier aan te pakken. In de actuele bestuurlijke realiteit betekent dit dat deze aanpak onderdeel wordt van het meerjarenplan.

Volwaardige participatie

De volwaardige participatie van kinderen en jongeren is een fundamenteel onderdeel van het lokaal kinderrechtenbeleid. Dit gaat over de organisatie van kindvriendelijke inspraakinitiatieven(top-down) en over het uitdragen van een participatieve cultuur (bottom-up). Kinderen beluisteren is een sleutelbegrip. Enkel zij zijn expert in hun eigen leefwereld. Bovendien bezitten kinderen en jongeren de competentie om zelfs over complexe vraagstukken mee aan oplossingen te bouwen. Geloven in die kracht is hun volwaardig actorschap erkennen en faciliteren. Kinderen en jongeren geven de samenleving en het lokale beleid mee vorm.

Elk kind heeft gelijke rechten

Het lokaal bestuur pakt actief discriminatie en racisme aan. Diversiteit wordt benaderd vanuit een kansenperspectief. De thuiscultuur en de thuistaal worden beschouwd als een verrijking en als een troef.

Wat kan een lokaal bestuur doen?

Verankering

Bovenstaande uitgangspunten verankeren in het lokaal beleid kan op verschillende manieren:

  • het toewijzen van een duidelijke schepenbevoegdheid,
  • het invoeren van een kinderrechtentoets op het eigen beleid,
  • het verwerven van de noodzakelijke kennis en competentie op management- en ambtelijk niveau
  • het toekennen van verantwoordelijkheid aan een programmadirecteur of aan een of meerdere (jeugd)ambtenaren om de voortgang van het kinderrechtenbeleid te monitoren en op te volgen
  • permanent kwalitatief belevingsonderzoek naar de leefwereld van kinderen en jongeren voedt het lokaal beleid en stuurt het waar nodig bij

Je vindt meer informatie over dit aspect in het Memorandum van Bataljong.

Een divers en toegankelijk vrijetijdsaanbod

Kinderen en jongeren nemen deel aan activiteiten van het lokale jeugdwerk, sportverenigingen, (socio-)culturele verenigingen, milieuverenigingen en talrijke anderen. Je kan mee ijveren voor een meer kwalitatief en toegankelijk aanbod en voor de diversiteit in dit aanbod via je erkennings- en subsidiëringsbeleid. Je kan van de toegankelijkheid van verenigingslokalen en dienstverlening voor kinderen en jongeren met een (fysieke) beperking een speerpunt maken in je lokaal jeugdbeleid. Je kan sterke communicatie gericht op kinderen en jongeren stimuleren. Je kan de bekendmaking van het particulier aanbod via je eigen kanalen versterken. Tenslotte kan je ook complementair eigen gemeentelijk aanbod organiseren. Vooral naar meer kwetsbare kinderen en jongeren ligt er mogelijk een taak voor het lokaal bestuur zelf. Denk daarbij niet enkel aan kinderen met een beperking, maar ook aan kinderen in armoede, kinderen zonder wettig verblijf en kinderen in instellingen. Gemeentelijke vrijetijdsdiensten en OCMW’s werken in lokale netwerken voor vrijetijdsparticipatie samen met verenigingen van mensen in armoede. Ook de UiTPAS kan een nuttig instrument zijn om kwetsbare groepen te bereiken.

Buiten spelen kan ook gewoon in de buurt. Speelplekken voorzien en rekening houden met de autonome mobiliteit van kinderen om deze plekken via een speelweefselplan te bereiken draagt bij aan de kindvriendelijkheid van je gemeente. Kind & Samenleving ondersteunt besturen in hun speelbeleid. Tieners en jongeren hebben een vergelijkbare behoefte aan formele en informele ontmoetingsplekken. Erken deze behoefte en zet in op de kwalitatieve beleving van deze plekken voor tieners en jongeren en voor de andere gebruikers van de publieke ruimte. Ouders hebben nood aan kwalitatieve opvang tijdens vakantieperiodes en buiten de schooltijd. Lokale besturen kunnen de regierol opnemen om kwalitatieve opvang te helpen voorzien waarbij diverse partners (speelpleinwerking, jeugdbeweging, sportclub, bibliotheek,… en diverse eigen gemeentelijke aanbodverstrekkers) naar afstemming streven zonder aan eigenheid in te boeten.

Inzetten op gezinsondersteuning

Sommige kinderen groeien op in kwetsbare gezinnen. Er liggen heel wat kansen op het lokale niveau om gezinnen te ondersteunen: betaalbare, toegankelijke en kwalitatieve kinderopvang (zie VVSG-fiche Kinderopvang), opvoedingsondersteuning, crisisopvang, budgetbegeleiding en maatschappelijke dienstverlening,… . Hulpverlening voor kinderen en jongeren zet sterk in op de bereikbaarheid en voorziet aanspreekpunten in de leefwereld van kinderen en jongeren (onderwijs, jeugdwelzijnswerk, outreachende jeugdhulpverlening, vrijetijdsbemiddelaars,…).

Kinderarmoede bestrijden

Het Kinderrechtenverdrag wil kinderen beschermen tegen armoede en hen verzekeren van hun sociale grondrechten: wonen, gezondheid, onderwijs. Deze thema’s behandelen we verder in deze fiche.

Lokale besturen hebben de plicht om sociale grondrechten voor iedereen te garanderen en het lokaal sociaal beleid focust sterk op het uitroeien van armoede. Een proactieve maatschappelijke dienstverlening en een automatische rechtentoekenning zetten deze plicht om in een werkbare praktijk en maken van het lokaal sociaal beleid het sluitstuk van onze sociale zekerheid.

Kwetsbare gezinnen geraken vaak geïsoleerd. Brugfiguren kunnen bijdragen om hen toch te blijven bereiken. Denk daarbij aan maatschappelijk werkers in de eigen diensten en bij partners, leerkrachten, wijkagenten, straathoekwerkers,…

De Koning Boudewijnstichting verspreidt een sterke brochure met aanbevelingen waarmee je als lokaal bestuur aan de slag kan gaan. Voor meer info kan u ook terecht bij EXPOO, het Vlaams Expertisecentrum voor opvoedingsondersteuning,

Elk kind verzekeren van een kwalitatieve woning

Wonen is een basisbehoefte. Het lokaal bestuur maakt van een betaalbare en gezonde woning voor iedereen een topprioriteit. Het lokaal bestuur kan tussenkomen via allerlei steunmaatregelen (tussenkomst in de energiefactuur, voorfinancieren van de huurwaarborg, goedkope renovatieleningen,…) en sociale huisvesting stimuleren (bijv. via het opzetten van een sociaal verhuurkantoor). Het lokaal bestuur kan ook huisjesmelkerij en verkrotting sanctioneren en op die manier over de woningkwaliteit waken.

Bij uithuiszetting van gezinnen zijn vooral kinderen het slachtoffer. Ook langdurige noodopvang heeft een dramatische impact op de leefwereld van kinderen en jongeren. Voorkom deze noodmaatregelen indien mogelijk en zorg voor ondersteunende opvangmaatregelen indien noodzakelijk.

Kinderen beschermen tegen geweld

Sommige kinderen en jongeren zijn slachtoffer van geweld, zowel thuis als in de openbare ruimte. Neem als lokaal bestuur het voortouw om ze hiertegen te beschermen en zet in op sensibilisering, melding en hulpverlening. Voer campagne tegen geweld op straat en in huis. Sensibiliseer in scholen en verenigingen tegen pestgedrag en treed op waar nodig. Maak meldpunten als het Vertrouwenscentrum Kinderminshandeling mee voldoende bekend of zorg voor een lokaal aanspreekpunt. Ondersteun maatschappelijk werkers, leerkrachten, hulpverleners,… die in contact komen met kinderen en jongeren in het herkennen van deze problemen. Versterk hun competenties om gepast te reageren. Stimuleer een kindvriendelijke opvang en hulpverlening bij politie en maatschappelijke diensten.

Een participatief en inclusief onderwijsbeleid

Lokale besturen verstrekken zelf onderwijs of voeren een flankerend onderwijsbeleid. Zij kunnen zich inzetten voor warme en veilige scholen waar geen plaats is voor pesten en discriminatie. Zij kunnen de verkeersveiligheid in de schoolomgeving verbeteren door het inrichten van verkeersluwe zones en schoolstraten. Lokale mobiliteitsingrepen kunnen de autonome mobiliteit van kinderen en jongeren verhogen. Leerkrachten kunnen zich vormen om aandacht te schenken aan kinderrechten, om te gaan met de aanwezige diversiteit en signalen van armoede op te pikken. Lokale besturen kunnen schoolteams sensibiliseren en ondersteunen rond inclusief onderwijs. De toegankelijkheid van schoolinfrastructuur voor kinderen en jongeren met een beperking kan specifiek ondersteund worden bijv. met projectsubsidies. Verspreid over Vlaanderen zijn een 70-tal lokale overlegplatformen aan de slag om onderwijskansen van (kwetsbare) leerlingen te verbeteren. Lokale besturen kunnen samenwerken met scholen rond het betrekken van ouders, in het bijzonder uit kwetsbare groepen, en inspanningen leveren om mee te ijveren voor lagere schoolkosten.

Inzetten op gezondheid

Lokale besturen kunnen de toegankelijkheid van de gezondheidszorg verhogen door o.a. te investeren in wijkgezondheidscentra en lokale dienstencentra. Laagdrempelige inloopplekken voor kinderen en jongeren met zorgen en psychische problemen kunnen deel uitmaken van dergelijke wijkgezondheidscentra of van het Sociaal Huis.

Kinderen en jongeren stimuleren om te bewegen kan via een uitgekiend beweeg- en sportaanbod. Sensibilisering rond gezonde voeding en preventie van middelengebruik (alcohol, tabak, drugs,…) en andere vormen van verslaving (gamen, gokken,…) richt zich best al op kinderen en tieners vanuit een visie op breed jeugdbeleid en dit kan via scholen, eigen diensten (jeugddienst, sportdienst, sociaal huis,…) en verenigingsleven.

Alle kinderen welkom

Iedere Vlaamse gemeente wordt geconfronteerd met nieuwe medeburgers met een migratie- of vluchtelingstatuut. Lokale besturen kunnen deze nieuwe medeburgers solidair onthalen en welkom heten op hun grondgebied. Vooral de situatie van gezinnen met kinderen en niet-begeleide minderjarigen verdient extra aandacht. Een begeleiding voorzien die met kennis van zaken nieuwkomers informeert over rechten, plichten en mogelijkheden in de gemeente is van cruciaal belang.

Nieuwkomers hebben zoals alle burgers het recht hun levensbeschouwing te uiten op school, op straat en in het gezin. Lokale besturen kunnen inzetten op sensibilisering en beeldvorming rond diversiteit.

Gezagdragende beroepen hebben een voorbeeldfunctie. Vorming over het omgaan met diversiteit en discriminatie is soms nodig om de snel veranderende samenleving bij te houden. Ook hier kunnen lokale besturen een rol opnemen.

Contacten verbeteren tussen tieners en jongeren en justitie en politie

Het uitschrijven van GAS-boetes voor storend gedrag van minderjarigen staat op heel wat plaatsen ter discussie. Lokale besturen die kiezen voor het Kinderrechtenverdrag als leidraad voor lokaal beleid herijken wellicht hun beleid rond Gemeentelijke Administratieve Sancties.

Sommige tieners en jongeren in de publieke ruimte komen in aanraking met politie. Lokale besturen kunnen inzetten op positieve contacten tussen beide. Brugfiguren, bijv. straathoekwerkers of outreachende jeugdwerkers/hulpverleners, kunnen een belangrijke rol opnemen.

Sterke praktijken in dit domein zoals bijv. schooladoptieplannen door wijkagenten verdienen gedeeld te worden.

Ten slotte

Deze fiche putte heel wat info uit de poster 'Het alternatief rapport als kompas voor het lokaal beleid' van de Kinderrechtencoalitie. Ook de 5 fundamenten uit de Memorandumtekst van Bataljong vormden een inspiratiebron.

Voor meer info kan je terecht bij:

Chris Peeters, stafmedewerker Jeugd VVSG

Carolien Patyn, coördinator Kinderrechtencoalitie vzw

Jurgen Sprangers, directeur Bataljong vzw