trappen.jpg
Provider image

In Putte investeert het lokale bestuur al sinds 1991 in buitenschoolse kinderopvang. Op vraag van enkele ouders begonnen ze met opvang op elke basisschool. Door de jaren heen groeide de vraag en breidde de buitenschoolse kinderopvang verder uit. Het lokale bestuur draagt ongeveer drie kwart van de kosten.

Aanpak en resultaten

Centraal in hun aanpak? De kinderen. Ze ontwikkelen een aanbod op hun maat, bieden kansen aan kinderen en zoeken naar uitdagingen voor verschillende leeftijden. Daarvoor werken ze in Putte samen met verschillende diensten, zoals de buitenschoolse kinderopvang, de jeugddienst en de bibliotheek.

Tijdens de week gaan de kinderen van de 6 Putse basisscholen naar een van de vijf opvanglocaties. Onder het motto “Vrije tijd is speel-tijd” zetten ze in op een divers aanbod. Kinderen kiezen waarmee ze spelen, waaraan ze meedoen.

  • Oudere kinderen mogen in de opvang kiezen voor huiswerkbegeleiding bij een vrijwillige leerkracht.
  • De dienst cultuur en de bibliotheek brengen hun activiteiten naar de buitenschoolse kinderopvang. Denk aan enkele vrijwilligers die tijdens de voorleesweek voorlezen in de buitenschoolse kinderopvang. En Theater Zuidervis dat op woensdagnamiddag een leuke voorstelling geeft.
  • In Beerzel werken de buitenschoolse kinderopvang en de gemeentelijke kunstacademie samen. De kinderen gaan te voet van de opvang naar de academie.

In de zomervakantie gaan lagere schoolkinderen naar de speelpleinwerking. Kleuters gaan naar de buitenschoolse kinderopvang. Samen vangen ze wekelijks gemiddeld 130 kinderen op (80 kleuters, 50 tot 60 lagere schoolkinderen). De jeugddienst organiseert in de vakanties verschillende workshops.

De werking van de buitenschoolse kinderopvang sloot al aan redelijk goed aan bij de doelstellingen van het decreet buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA). Toch blijven ze actief. Ze zoeken nu vooral naar kleinere projecten. "Blijven doorgaan, blijven proberen, kleine dingen opzetten en creatief zijn.", zo vat Claudine Van Hove, coördinator BOA en Huis van het Kind in Putte, het samen.

Wat staat er bijvoorbeeld nog op de agenda? Het project “noen ete”: kinderen gaan op woensdagmiddag naar het woonzorgcentrum om samen met de ouderen te eten. Daarna doen ze iets leuks, zoals kaarten, wandelen, naar de bibliotheek.

Sterktes en succesfactoren

  • Het lokale bestuur van Putte kiest duidelijk voor aantrekkelijke en kwaliteitsvolle buitenschoolse opvang. Dat slaat aan bij ouders, zo blijkt uit de grote tevredenheid over het aanbod.
  • Ze werken met 1 inschrijvingssysteem voor alle opvang en activiteiten voor kinderen en jongeren. Dat vergroot het gebruiksgemak voor ouders: ze moeten maar één systeem kennen. Ook enkele Putse verenigingen gebruiken dat systeem om hun inschrijvingen te regelen (bv. sportkampen in de vakantie).
  • De diensten van de gemeente proberen hun werking en aanbod op elkaar af te stemmen en werken samen aan projecten als de Koesterweek en de Buitenspeeldag.

Knelpunten en uitdagingen

  • Het decreet BOA brengt nieuwe opdrachten met zich mee. Je moet goed nadenken wie die nieuwe opdrachten opneemt en opvolgt. Daarvoor hertekenden ze in Putte het organogram. De vroegere coördinator van de buitenschoolse kinderopvang is nu coördinator BOA en Huis van het Kind. De buitenschoolse kinderopvang kreeg een nieuwe coördinator.
  • Genoeg personeel vinden in de buitenschoolse kinderopvang, het blijft een uitdaging. Vrijwilligers zijn ultieme oplossing. Ze zijn niet altijd makkelijk te vinden, hun engagementen zijn minder duurzaam dan vroeger, en direct na schooltijd zijn ze vaak nog aan het werk.
  • Leerkrachten van bijvoorbeeld de gemeentelijke kunstacademie naar de buitenschoolse opvang krijgen om daar een activiteit of een workshop te begeleiden, blijkt tot nu toe moeilijk te realiseren

Meer weten?

  • Claudine Van Hove, coördinator BOA en Huis van het Kind Putte, claudine.vanhove@putte.be